De auteur is werkzaam bij PricewaterhouseCoopers als belastingadviseur. In deze rubriek wordt over diverse fiscale onderwerpen geschreven.
Fiscale woonplaats
Waar iemand woont, is belangrijk voor de belastingdienst. Veel landen heffen namelijk inkomstenbelasting van inwoners. Het principe is dat inwoners inkomstenbelasting moeten betalen over hun wereldwijde inkomen. Dat is het inkomen waar ook ter wereld verdient. Niet-inwoners betalen alleen inkomstenbelasting over lokale inkomstenbronnen. Het principe van heffen van inkomstenbelasting van inwoners geldt ook in de Nederlandse Antillen en Aruba. Van belang is dus de woonplaats. In fiscale zin is de woonplaats anders dan die in het normale spraakgebruik. De fiscale woonplaats wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Hierbij zijn talloze omstandigheden van belang. De plaats waar werkzaamheden worden verricht, de plaats van het gewoonlijk verblijf of waar men is ingeschreven in het bevolkingsregister zijn enkele van deze omstandigheden. Ook van belang is bijvoorbeeld waar kinderen en kleinkinderen wonen, waar men een huis of appartement bezit of huurt of waar men lid is van verenigingen of lidmaatschappen heeft. Het kan voorkomen dat iemand banden heeft met meer dan één land. Het kan dan lastig zijn om de fiscale woonplaats te bepalen. Iemand zou in theorie in twee landen kunnen wonen of misschien wel helemaal nergens. Indien de rechter een fiscale woonplaats moet bepalen zal hij op alle omstandigheden moeten letten. Doorslaggevend is dan waar iemands middelpunt van zijn sociale leven zich bevindt. Dit kan uiteraard ook onderwerp van discussie zijn.
In de Nederlandse rechtspraak zijn talloze belastingplichtigen die hebben aangevoerd dat ze niet in een land woonden. Geen woonplaats geen belastingheffing was hierbij de inzet. De Hoge Raad oordeelde in een situatie van een persoon die in Nederland woonde en op een gegeven moment een appartement op Curaçao had gekocht. Betrokkene liet zichzelf inschrijven als inwoner van Curaçao. Zijn echtgenote bleef in Nederland wonen. Bij een testament dat hij opstelde verklaarde de man dat hij duurzaam gescheiden van zijn echtgenote leefde. Nadat de man zich in Curaçao als inwoner had ingeschreven verbleef de man nog regelmatig in Nederland. Hij maakte dan gebruik van twee verbouwde hooibergen die waren gelegen naast de bungalow waar zijn echtgenote woonde. De rechter oordeelde in dit specifieke geval dat de man naar de omstandigheden beoordeeld niet in Nederland woonde. Van belang hierbij was dat de hooibergen waarvan hij tijdens zijn verblijf in Nederland gebruik maakte niet geschikt waren voor duurzame bewoning. Ook de bungalow van zijn echtgenote stond hem niet ter beschikking. De rechter vond het voldoende aannemelijk dat betrokkene Nederland had verlaten en op Curaçao woonde. Het Gerechtshof te Arnhem oordeelde in een situatie van een student die voor een aantal jaren in Canada een opleiding tot verkeersvlieger volgde. In de studieperiode stond de student niet in Nederland ingeschreven en beschikte niet over een bankrekening in Canada. De post werd naar de ouders gestuurd. Volgens het Hof woonde de student niet in Nederland. Het Hof oordeelde dat voor deze meerderjarige ongehuwde student zonder vaste relatie als woonplaats geldt de plaats waar hij gedurende de studie verblijft. In dit geval Canada. Dat de student voor enkele kortere en langere perioden in Nederland verbleef op het adres van zijn ouders deed hieraan niets af. Ook gedurende die periode lag het duurzame middelpunt van de persoonlijke levensbelangen van de student in Canada aldus het Hof.