View this page in: Français

Tax Freedom Day 2009 valt op 8 juni

Gebrek aan nieuwe maatregelen geeft ons land een achterstand op ‘concurrerende’ landen

Brussel 4 juni 2009 - Tax Freedom Day valt dit jaar op 8 juni. Dat is twee dagen vroeger dan de drie voorgaande jaren. Tax Freedom Day viel namelijk drie jaar na elkaar op 10 juni. Hebben we nu (eindelijk) reden tot vreugde? Niet echt. De ‘winst’ van twee dagen is louter te wijten aan de crisis. Erger nog: het gebrek aan nieuwe maatregelen om de belastingen terug te dringen en de concurrentiepositie van ons land voor het aantrekken van nieuw kapitaal te verbeteren doet ons verder wegzakken in internationale vergelijkingen. PwC heeft enkele concrete suggesties voor maatregelen die een concurrentieel nadeel moeten wegwerken dat België momenteel heeft tegenover andere Europese landen. Stabiliteit is daarbij essentieel om het vertrouwen in onze economie (terug) te winnen. Daarnaast is het belangrijk onze kapitaalmarkten fiscaal neutraal te maken, zodat bedrijven makkelijker financiering kunnen aantrekken.

Tax Freedom Day

Tax Freedom Day (“TFD”) is de dag dat Belgische belastingplichtigen stoppen met het betalen van belastingen en voor eigen rekening gaan werken, in de veronderstelling dat ze al wat ze tot dan toe verdienden, als belasting zouden afgedragen hebben. De berekening wordt als volgt gemaakt: het totaal betaalde bedrag aan belastingen volgens de recentste gegevens van het Planbureau, inclusief de sociale bijdragen, gedeeld door het bruto binnenlands product. Vorig jaar was dat 44,1%. Dit jaar betaalden we met ons allen, particulieren en rechtspersonen, 43,3%. Als men dit percentage projecteert op een jaar, bereiken we op 8 juni het moment dat we eindelijk ‘voor eigen zak’ werken.

“Het bruto binnenlands product daalt in 2009; dit is een duidelijk gevolg van de crisis, aldus Professor Emeritus Moesen, die als macro-econoom verbonden is aan de faculteit Economie en Bedrijfskunde van de KULeuven. “Ook de betaalde belastingen dalen; iets meer zelfs. Dit is vooral het gevolg van de significante terugval van de vennootschapsbelasting. In een periode van crisis is dit een logische evolutie. De door particulieren betaalde RSZ-bijdragen en belastingen dalen ongeveer proportioneel mee met het BBP. De winst van vennootschappen is een restproduct; het is wat overblijft nadat alle andere productiefactoren vergoed zijn. De belastingen die erop geheven worden dalen logischerwijze dan ook sterker dan het BBP. In 2009 zal de vennootschapsbelasting 1,7 miljard euro minder opbrengen dan vorig jaar. Dat is een daling van zo’n 15%. Het gaat dan over de verwachte voorafbetalingen in 2009 en de afrekening op basis van de winsten van 2008”, besluit Moesen.

Fiscaal beleid moet buitenlandse investeerders aantrekken

Het belastingregime is een belangrijke factor voor buitenlandse bedrijven en andere investeerders. Het bepaalt mee of een land aantrekkelijk is om in te investeren. De vorige jaren werden een aantal maatregelen genomen om ons land ‘concurrentiëler’ te maken tegenover al die andere landen die ook proberen zoveel mogelijk investeringen binnen te halen. De meest bekende maatregel die genomen werd, is die van de notionele intrest in 2006. Dit is een aftrekbare ‘intrest’ op het eigen vermogen, om kapitaalsinvesteringen te ‘vergoeden’ tegenover andere vormen van financiering. Volgens het UNCTAD World Investment Report verdubbelden de buitenlandse investeringen in België in 2006 tot 72 miljard dollar, voornamelijk dankzij de notionele intrest. België stond daarmee op de vierde plaats.

Ons land had in 2006 ook de op één na hoogste ‘transnationality index’. Deze geeft de mate weer waarin een land voordeel haalt uit buitenlandse investeringen. De transnationaliteitsindex wordt berekend op basis van de Belgische bedrijfsactiva die in handen van buitenlandse bedrijven zijn, de nieuwe investeringen die we binnenhalen, en het aandeel dat filialen van buitenlandse bedrijven in het BNP en in de totale werkgelegenheid hebben.

“Deze prestatie van het kleine België was indrukwekkend”, aldus Frank Dierckx, Managing Partner van PwC Tax Consultants. “Daaruit blijkt duidelijk dat het effect van het fiscaal beleid op de directe buitenlandse investeringen zeer groot is. Maar jammer genoeg is dat beleid in 2008 stilgevallen. Met alle gevolgen vandien. Want de ‘winst’ van twee dagen in de berekening van Tax Freedom Day is eigenlijk een verlies. Was er geen crisis geweest, dan zou Tax Freedom Day dit jaar wellicht na 10 juni gevallen zijn. Het politieke gekibbel heeft met andere woorden zware gevolgen voor ons land. Als we nieuwe bedrijven naar ons land willen halen en meer werkgelegenheid en dus meer welvaart willen creëren, dan moet er een consistent beleid zijn met de nodige innovatieve maatregelen om onze concurrentiepositie ook op dit vlak te verbeteren”, besluit Dierckx.

Hoe doen ‘concurrerende’ landen het?

In Nederland valt TFD dit jaar op 24 mei. Vorig jaar was dat nog op 27 mei. In het Verenigd Koninkrijk is men van 2 juni vorig jaar geëvolueerd naar 14 mei dit jaar. In Frankrijk gaat men erop achteruit: TFD 2009 valt er op 11 juni, tegenover 7 juni in 2008, en dit ondanks de crisis die voor Frankrijk wellicht dezelfde implicaties heeft als voor België. In Duitsland valt TFD eveneens op 8 juni. Daar gaat men er 1 dag op vooruit; vorig jaar viel TFD er immers op 9 juni.

Constructieve suggesties

“Met de huidige crisis is het natuurlijk niet evident om veel te gaan investeren”, erkent Dierckx. “Maar niet investeren zou fout zijn, zeker gezien het feit dat onze buurlanden ook niet stilzitten. Naast het feit dat buitenlandse investeringen een grote impact hebben op de Belgische economie, is er ook een grote nood aan financiering, niet alleen van de banken maar van alle privébedrijven. Daarom zou het een goede zaak zijn onze kapitaalmarkten fiscaal neutraler te maken. PwC heeft dan ook een aantal suggesties naar nieuwe maatregelen toe, die geen grote investering vragen en toch impact hebben. De notionele interest, bijvoorbeeld, bleek een vestzak-broekzakoperatie te zijn voor de overheid, zo blijkt uit berekeningen”, besluit Dierckx nog.

Een eerste belangrijk punt is dat de bestaande maatregelen behouden moeten blijven. Het vertrouwen in ons land moet hersteld worden na een lange periode van politieke onstabiliteit die onze reputatie zeker geen goed gedaan heeft.

Een tweede suggestie is alle dividenden die ontvangen worden door vennootschappen, volledig belastingvrij te maken. Nu zijn deze dividenden voor 95% vrijgesteld. Waarom dan niet voor 100%? Het vestigen van een regionaal hoofdkantoor of van een holding is vaak de eerste stap in de internationale expansieplannen van buitenlandse investeerders. Als we willen dat ze hiervoor België kiezen, moeten we op zijn minst aansluiten bij de regel die in de rest van Europa de standaard is geworden: een volledige vrijstelling van belastingen van de dividenden die zo’n regionaal hoofdkantoor of holding ontvangt.

Een derde maatregel die PwC voorstelt bestaat erin de roerende voorheffing op dividenden voor niet-inwoners af te schaffen. Het resultaat van de vennootschap die de dividenden uitkeert, werd immers al belast. De roerende voorheffing die vandaag wordt geheven is een dubbele belasting. Het wegvallen van de bronheffing zou beurskapitaal aantrekken. Bij andere financiële hoofdsteden, zoals Londen, zijn deze dividenden voor niet-inwoners al belastingvrij.

Ten slotte formuleert Professor Moesen nog een voorstel voor de financiering van de overheden: “Momenteel zien we uiteenlopende vergoedingen voor langlopende staatsobligaties. Midden mei kon je in Duitsland obligaties op 10 jaar kopen met een vergoeding van 3,35%. In Griekenland zat men aan een coupon van 5,2%. Het uitgeven van een soort euro-obligatie zou een interessant project zijn. Zo’n euro-obligatie zou door alle overheden van de eurozone gefinancierd worden. Concreet zouden alle landen van de eurozone zo gemakkelijker aan financiering kunnen geraken voor hun economische relanceprogramma’s. Gelet op het grote volume zou zo eveneens een aantrekkelijk alternatief worden geboden aan internationale beleggers”, aldus Professor Moesen.

Over PricewaterhouseCoopers

PricewaterhouseCoopers (www.pwc.com) levert sectorgerichte diensten op het vlak van audit, fiscaliteit en adviesverlening om het publieksvertrouwen te versterken en extra waarde voor cliënten en hun stakeholders te creëren. Meer dan 155.000 mensen in de 153 landen waarin ons netwerk is ontplooid, delen hun ideeën, ervaring en oplossingen om tot nieuwe gezichtspunten te komen en praktisch advies te geven.

'PricewaterhouseCoopers' verwijst naar het netwerk van firma’s die deel uitmaken van PricewaterhouseCoopers International Limited. Elke firma is een afzonderlijke en onafhankelijke juridische entiteit.

***

Aan de redacties

‘Tax Freedom Day 2009’ is een initiatief van PwC, dat hiervoor samenwerkt met Professor Emeritus Wim Moesen van het departement Economie van de KULeuven. Het volledige rapport is te vinden op www.pwc.be.

Het kan ook verkregen worden op eenvoudige aanvraag:

  • voor journalisten: bij Elsie Van Linthout (Luna): 02 658 02 70 of pwc@luna.be;
  • voor andere belangstellenden: bij Benedicte Dubois van PwC: 02 710 72 68 of benedicte.dubois@pwc.be.